Hoe te werken aan Taalbeleid

Waarom aandacht voor taal in al uw lerarenopleidingen?
Een opleiding kan om verschillende redenen het thema  'taal' op de agenda  zetten. De scholen in uw regio vragen expliciet om  taalbewuste leraren. Of opleiders constateren dat studenten onvoldoende taalvaardig zijn om de studie te volgen en zich voor de klas goed verbaal uit te drukken. Er zijn kritische opmerkingen gemaakt tijdens de visitatie. Of het management ziet dat de referentieniveaus taal (en rekenen) vergen dat alle toekomstige leraren, of ze nu techniek geven, geschiedenis of Nederlands, een rol moeten leren spelen in de taalontwikkeling van hun leerlingen. De aanleidingen verschillen en daarmee ook het accent dat in uw taalbeleid gelegd wordt op drie pijlers van taalbeleid.

Drie pijlers
Doorgaans worden er bij de ontwikkeling van  taalbeleid drie pijlers onderscheiden:

  • Werken aan de taaldidactische vaardigheden van alle studenten. Vanuit het idee dat in alle vakken taal een wezenlijke rol speelt, is het nodig dat alle vakleraren weten hoe ze taalontwikkelend kunnen lesgeven.
  • Werken aan de professionalisering op taaldidactische vaardigheden van alle opleiders. Opleiders die over hun vaktaal lesgeven, moeten zelf het taalontwikkelend lesgeven kunnen 'voordoen' (exemplarische didactiek). Daarmee bevorderen ze dan ook de eigen taalvaardigheid van hun studenten.
  • Werken aan de eigen taalvaardigheid van de student kan ook  een doelstelling zijn. Hiervoor kan het Referentiekader taal (niveau 4F) of de Taalunie-publicatie 'dertien doelen' (beroepsspecifieke taalvaardigheden) richtinggevend zijn.

In het Leoned-perspectief staat de taaldidactische vaardigheid van vakdocenten (hier de eerste pijler) centraal.  Verbinding met de andere beleidspijlers maakt het mogelijk dat studenten in hun eigen opleiding ervaren hoe ze gesteund worden door een taalgerichte vakdidactiek van hun opleiders: een exemplarische opleidingsdidaktiek.

Drie hoofdvragen bij taalbeleid
Het ontwikkelen van taalbeleid om taaldidactische vaardigheden te versterken vraagt werk op drie fronten:

  • Innovatie van het curriculum: welke taaldidactische inhouden moeten we aan de aanstaande leraar onderwijzen en waar worden deze in het programma verweven?
  • Professionalisering: welke deskundigheid moeten onze opleiders hiertoe in huis hebben?
  • Organisatie van de innovatie: hoe ontwikkelen en realiseren in de loop van de jaren de gewenste curriculuminhoud in de praktijk vanuit een gezamenlijk draagvlak en betrokkenheid?

Ervaringen en hulpmiddelen voor uw taalbeleid
Op vijf plekken in het land zijn pilots met het ontwikkelen van taalbeleid uitgevoerd. Daarbij zijn ook LEONED-materialen ingezet. Benieuwd naar de verhalen van de verschillende pilotlocaties? Hieronder vindt u de procesverslagen van het werk aan de verschillende opleidingen en de bijbehorende instrumenten:


Fontys Pabo Den Bosch

Bijlage 1 Instrumenten voor de ontwikkeling van taalbeleid:

Bijlage 2 Pabo Praktijkvoorbeelden


De Nieuwste Pabo Heerlen

Bijlage 1 Instrumenten voor de ontwikkeling van taalbeleid: